Als je in een drieledige maatsoort, bijvoorbeeld zes achtste, werkt in Cubase, kan het lastig zijn om het juiste tempo in te stellen. Het ingestelde tempo is dan veel trager dan je verwacht of je merkt pas achteraf dat je partituur niet klopt, want je hebt alles met triolen ingespeeld. Hoe lossen we dat op? Kijk verder na de intro.

Deze partituur in Dorico staat in zes achtste. Het tempo is ingesteld op 64 voor een gepunte vierde noot.

Screenshot: Dorico 3.5 maat zes achtste

 

Als we deze naar MIDI exporteren en vervolgens importeren in Cubase, zien we dat er een andere tempo is ingesteld.

Even luisteren.

We stellen eerst even dezelfde pianoklank in. Bij MIDI import kent Cubase enkel General MIDI klanken toe.

Het tempo klinkt hetzelfde als in Dorico. De metronoom tikt netjes in zes achtste.

Screenshot Cubase Zes Achtste

Het ingestelde tempo is 96… voor een vierde noot.

Om het juiste tempo voor zes achtste in te stellen in Cubase, moeten we bij het werkelijke tempo de helft bijvoegen.

Omgekeerd: om het tempo in zes achtste te kunnen noteren op een partituur, berekenen we ⅔ van het tempo in Cubase en zo kennen we het tempo met als teleenheid de gepunte vierde noot.

 

Bekijk deze vide op YouTube: https://youtu.be/lkYLeZ3pbuU

Download de pdf van ‘Zes Achtste in Cubase: Een rekensommetje’